5 tips om van taal een gespreksonderwerp te maken

Nederlands, Engels, Pools, Turks, Arabisch, Fries, Frans en Duits. Tel het aantal kinderen in je klas en het aantal moedertalen blijkt al snel bijna net zo groot. Toch wordt er weinig met deze talenrijkdom gedaan in het onderwijs, concludeert Janke Singelsma, projectleider bij het lectoraat Meertaligheid en Geletterdheid aan NHL Stenden Hogeschool. Vijf tips om van taal een gespreksonderwerp te maken.

1. Zie meertaligheid als rijkdom 

“Nederlands is van oudsher de voertaal tijdens de les. Automatisch sneeuwen alle moedertalen daardoor onder. Sterker nog: veel leerkrachten vergeten om aandacht te hebben voor die rijkdom aan diverse talen. Dat is ontzettend zonde, omdat die diversiteit aan talen je juist zoveel kan bieden. Door te praten over de verschillende talen stimuleer je de waardering ervan en zorg je voor verbinding in de groep. Vraag kinderen te laten horen hoe hun taal klinkt, laat zien hoe de taal geschreven wordt, hoe de tekens eruit zien. Pas wanneer je meertaligheid als rijkdom herkent en erkent, kun je er iets mee doen.”

2. Toon belangstelling 

“Alles staat en valt met het tonen van belangstelling voor andere talen. Of dat nou Fries, Engels, Turks of Arabisch is: laat zien dat je als leerkracht nieuwsgierig bent naar nieuwe talen. Door kinderen te vragen naar hun taal, voelen ze zich gezien. Je moedertaal is namelijk een stukje van jezelf. Door belangstelling te tonen voor iemand taal, toon je belangstelling voor iemands verhaal.”

3. Integreer meertaligheid in je lessen 

“Veel scholen kiezen voor zogenoemde taaldagen. Maandag is de voertaal Nederlands, dinsdag Fries en woensdag Engels. Daarmee vergeet je alle andere talen in je klas. Zorg er liever voor dat je al die talen op een speelse manier integreert in je lessen. Laat iemand in het Turks tellen, waarna je dat met de hele klas ook probeert. Of zing bij muziekles een liedje uit Polen of Afghanistan. Kortom: grijp iedere kans aan om taal onderdeel te laten zijn van je les.” 

4. Betrek ook ouders en grootouders bij de taal 

“In veel gevallen spreken ouders of grootouders nog vloeiend de moedertaal. Zonde om daar niets mee te doen. Nodig ouders of grootouders uit om hun taal te vertegenwoordigen op school tijdens een speciaal taalproject. Uit eigen ervaring weet ik dat je daarmee de drempel voor veel buitenlandse (groot)ouders wegneemt om naar school te komen. Een betere kennismaking kun je je niet wensen.”

5. Verras kinderen door hun moedertaal te gebruiken 

Iedereen kent wel een aantal woordjes in een andere taal. Heel Nederland roept bijvoorbeeld ‘Oant moarn!’ nadat Piet Paulusma de Friese afscheidsgroet introduceerde. Wat is er nou leuker dan aan het begin van de dag iedereen in z’n eigen taal welkom te heten bij de deur? Of aan het einde van de dag een groet in de moedertaal te roepen op het schoolplein. Kleine moeite, ontzettend groot gebaar.”

Doe ook mee aan TaalTroost

Samen met collega-onderzoeker Mirjam Günther en Ewoud van der Weide (obs de Opslach, Wommels) ontwikkelde Janke het project TaalTroost voor het basisonderwijs. Leerlingen gaan op zoek naar een taalschat - een gedicht, lied of gezegde - in hun moedertaal. Dat kan een buitenlandse taal zijn, maar ook Fries of een streektaal. Van deze taalschat maken ze samen een kunstwerk, dat wordt tentoongesteld in de wijk. TaalTroost won de eerste prijs en de publieksprijs van het Europees Talenlabel 2020, georganiseerd en uitgereikt door het Nuffic, de Nederlandse organisatie voor internationalisering in het onderwijs, lees hierover meer in dit artikel