student_civiele_techniek_-_amber_kramer_hr2.jpg

Amber Kramer

Amber Kramer (21) is eerstejaars student Civiele Techniek. Zij maakte de overstap vanaf het mbo, en kwam erachter dat een hbo-opleiding een grote toegevoegde waarde heeft.

student_civiele_techniek_-_amber_kramer_hr2.jpg

”Op NHL Stenden zit nog echt de opleiding Civiele Techniek”

“Eerst deed ik de mbo-opleiding Weg en Waterbouw, maar ik merkte al snel dat een hbo-studie een goede toevoeging zou zijn. Op stages waar ik op het mbo kwam vroegen ze altijd: ‘Ben je hbo-student?’ En de vacatures in de civiele techniek zijn ook vaak op hbo-niveau. Dus besloot ik dat ook te proberen. Ik kom uit Lauwerzijl en keek eerst naar de opties in Groningen. Daar heb je deze opleiding ook, maar daar is het samen met Bouwkunde en Ruimtelijke Ontwikkeling, en kun je na anderhalf jaar pas kiezen. Maar ik weet ik al wat ik wil doen! Ik koos dus voor NHL Stenden omdat hier nog echt de opleiding Civiele Techniek zit.”

“Ik merkte al snel dat een hbo-studie een goede toevoeging zou zijn”

Een goede stap

“Verder studeren op het hbo was een goede stap. Op het hbo krijg je op een hoger niveau les. Ook krijg je veel theoretische vakken, bijvoorbeeld over berekeningen en natuurkunde. De exacte vakken zijn voor mij best lastig. Voor de havo-jongens is het makkelijker, die hebben dat allemaal al gehad. Maar daar is goede begeleiding in. Toen ik aangaf dat het voor mij te veel was, werd dat supersnel opgepakt. Nu krijg ik privéles met een klein groepje. De praktijkvakken zijn voor mij dan weer simpeler, want dingen zoals landmeten heb ik al geleerd op het mbo.”

“Het leuke van dit vak is dat je altijd weer op zoek kunt naar een andere uitdaging”

De praktijk in

“Omdat ik veel dingen naast mijn studie doe, was het de eerste paar weken even aftasten hoe ik alles kon combineren. Ik werk al en ben ook veel met mijn paarden bezig: ik doe dressuur op hoog niveau. Nu ik wat langer bezig ben, gaat het steeds beter. Ik ga hier zeker mee door, want ik vind het hartstikke leuk. Het mooist vind ik het om naar buiten te gaan, de praktijk in. Bijvoorbeeld met landmeten: we gingen een keer meten hoe hoog de straat van onze hogeschool in Leeuwarden lag op NAP-niveau. Je doet ook veel projecten, dat noemen we atelier. In de eerste periode ontwierpen we een sluis, en nu maken we een stukje van een wijk in Leeuwarden up-to-date. Dat laatste doen we samen met studenten Ruimtelijke Ontwikkeling.”

Uitdagend werk

“Mijn vader heeft een eigen bedrijf in de civiele techniek, Kramer Bedrijfsvoering, waar ik voor werk. Ik word daar ingehuurd door provincies als toezichthouder op projecten. Dan zorg je dat alles in goede banen loopt: controleren of de aannemer zich aan de afspraken houdt, zorgen dat alles op tijd afkomt, erop letten dat ze niet over het budget gaan. Ik geniet echt als ik daar aan het werk ben. Het leuke van dit vak is dat je altijd weer op zoek kunt naar een andere uitdaging. Ik ben nu toezichthouder, maar als ik later constructeur, projectleider of landmeter wil worden, ben ik daar ook voor opgeleid.”