Het jonge kind (Early Childhood)

Ben jij geboeid door de belevingswereld van een kind tussen de 3 en 8 jaar? En wil je meer weten over de ontwikkeling van peuter naar kleuter tot basisschoolkind? In de minor Het jonge kind bestudeer je deze ontwikkeling: van oppervlakkig naar diepgang, van globaal naar gedetailleerd, van grof naar fijn, van minder naar meer. Dit doe je vanuit de visie dat kinderen op hetzelfde moment werken aan meerdere doelen op meerdere gebieden.

  • Leer hoe je onderwijs maakt voor deze ontwikkelingsfase.
  • Doe praktijkonderzoek op een school.
  • Breid je kennis uit van pedagogiek, didactiek en ontwikkelingspsychologie.

Kenmerken

Startmoment

  • September

Locatie

  • Groningen

Taal

  • Nederlands

EC's

  • 30 EC's

Type minor

  • Voor alle hbo-opleidingen

Interessegebied

  • Onderwijs

Inhoud van de minor

Je doet onderzoek in de praktijk van de basisschool. Je volgt, je observeert en registreert de ontwikkeling van jonge kinderen in de onderbouw. Daarbij houd je rekening met de variabiliteit van de normale ontwikkeling. Je leert in deze minor hoe je de verschillende fases van ontwikkeling moet beoordelen in relatie met doelen, hoe je voor het kind een beredeneerd aansluitend aanbod ontwerpt en hoe je dat vormgeeft in een krachtige speel- leeromgeving. Het doel is altijd om daarmee de brede ontwikkeling van het jonge kind te ondersteunen en te stimuleren.   

In deze minor doe je kennis op van de pedagogiek, ontwikkelingspsychologie en algemene didactiek van het jonge kind en krijg je inzicht in de holistische ontwikkeling en concrete denkstrategieën van het jonge kind. Drie hoofdonderwerpen van het lectoraat Early Childhood komen uitgebreid aan bod: de sociaal-emotionele ontwikkeling, taalontwikkeling en reken-wiskundige oriëntatie. Ook is er aandacht voor het belang van het pedagogisch en didactisch klimaat en de dienovereenkomstig te scheppen rijke speel- leeromgeving (STEAM). Met de studiereis naar Vives hogeschool in Brugge wordt kennis gemaakt met het onderwijsaanbod van onze zuiderburen. Je onderzoekt aldaar het “rijke milieu” in de Vlaamse kleuterschool.  

Opzet van de minor

Wekelijks zijn er contacturen met de docent, namelijk bij de colleges en bij de intervisie. Je neemt actief deel aan de colleges en je loopt stage. In de stageschool voer je opdrachten uit en je doet er praktijkonderzoek. Je werkt aan je competentieontwikkeling in je portfolio. Je leert dat het observeren van kinderen en het vastleggen van verkregen gegevens de basis vormt voor het handelen in een groep. Je kunt kinderen begeleiden en je reikt hen een veelzijdig aanbod aan. Je weet je als leerkracht te verantwoorden richting het kind, de ouders, jezelf en collega’s. Je verdiept je in de manier waarop de leerkracht van groep 1 t/m 4 het onderwijsaanbod organiseert, zodat je zorg kunt dragen voor de doorgaande lijn in de ontwikkeling van het jonge kind.    

Je werkt aan het schrijven van een portfolio (3EC), een themamap (3EC) en een groeimap (9EC). Je houdt een logboek bij met je reflecties en evaluaties van de colleges en van de praktijk. Je laat m.b.v. een kijkwijzer zien dat je voldoet aan basiscommunicatie en interactieve vaardigheden in relatie met het pedagogisch handelen en het creëren van een krachtige speel-leeromgeving. Je werkt in een leerteam de onderzoekscyclus uit aan de hand van een aangeboden thema. Het resultaat presenteer je samen met medestudenten in een bijeenkomst. Je bent (mede) verantwoordelijk voor jouw eigen leerproces en dat van anderen. In de groeimap beschrijf je een beredeneerd aanbod dat je ontwikkelt voor twee kinderen vanuit hun specifieke onderwijsbehoeften. Je presenteert deze groeimap op je stageschool. 

Toetsing

De toetsing is drieledig: 

  • Het bijwonen van de colleges is verplicht en je neemt actief deel. 
  • Je bent minstens 1 dag in de week op je stageschool voor je onderzoek.  
  • De beoordeling van het keuzethema is op basis van een groepspresentatie. 
  • Voor het portfolio volg je het format en de beoordelingscriteria uit de handleiding. 
  • Voor de groeimap volg je eveneens het format en de beoordelingscriteria. 

Toelatingseisen

Voor deze minor heb je al basiskennis van en ervaring met het onderwijs in de onderbouw. Het assessment voor de basisbekwaamheid heb je met goed gevolg afgerond.  Je verdiept je op een veelzijdige manier in de leef en belevingswereld van het jonge kind. 

Als je met goed resultaat deze minor van het jonge kind in de basisschool doorloopt, mag je je theoretisch en praktisch specialist noemen, dan ben je startbekwaam en bevoegd om te werken in de onderbouw van de bassischool.  Alle ontwikkelingsgebieden komen aan de orde in deze minor. Je kunt jezelf zien als een specifiek geschoolde professional met kennis van pedagogisch handelen, bekend met de zone van de naaste ontwikkeling, werken met een krachtige speelleeromgeving, observaties enz.  De hele week vul je met de inhoud van deze minor d.m.v. studie, onderzoek in de klas, colleges en excursie. Het is totaal 15 ec.   

Vragen?

Heb je vragen over deze minor? Stel ze via het online formulier.