Hoe Defensie samen met het onderwijs werkt aan de instroom van nieuwe medewerkers
Uit het meest recente jaarverslag van de Militaire Inlichtingen en Veiligheidsdienst blijkt dat Nederland te maken heeft met verschillende veiligheidsuitdagingen. Het terrorismedreigingsniveau staat op niveau 4, er vinden cyberaanvallen plaats op kritieke infrastructuur en Defensie heeft bijna 10.000 vacatures openstaan. Eind 2024 ontstond binnen Defensie het idee om het onderwijs te benaderen voor samenwerking. Dit leidde bij NHL Stenden Hogeschool tot vijf keuzeminoren, waarbij de Nationale Weerbaarheidstraining een onderdeel vormt.
Liever luisteren? Check deze podcast over onze samenwerking met Defensie.
Harder nodig dan ooit
Defensie staat voor een pittige opdracht. De organisatie moet groeien, en snel ook. Waar de organisatie jarenlang met veel moeite zo’n 3500 nieuwe mensen per jaar aantrok, is de ambitie nu om zo’n 14.000 mensen per jaar te recruteren. Ook de politie en brandweer kampen met veel openstaande vacatures”, zegt Vera van der Zee, teamleider Integrale Veiligheidskunde bij NHL Stenden. “Het is hard nodig dat de instroom van jonge mensen op gang komt.”
Defensieminor
“We hebben al langer een samenwerking met de politie via de Politieacademie”, vertelt Vera. “Die potentie zagen we met defensie ook, maar er waren niet genoeg stageplaatsen. Toen zijn we gaan onderzoeken hoe Defensie en onderwijs elkaar kunnen versterken.” Dat resulteerde in de defensieminor, waarmee studenten worden opgeleid tot reservist. Een minor is een keuzepakket van vakken naast je hoofdstudie waarmee je je verdiept in een ander onderwerp of je studie verbreedt.
“Negen weken krijgen de studenten die voor deze minor kiezen, theorie op school”, vertelt Vera. “Daarna volgen tien weken op een kazerne in Amsterdam. Aan het einde staan de studenten voor een keuze: willen ze ook daadwerkelijk reservist worden of niet? Er is geen verplichting. “We vinden het belangrijk dat studenten hun opleiding gewoon kunnen afmaken.”
Denken vanuit mensen
De wil bij jongeren is er wel, volgens Erik Noordam, projectleider bij Defensie. “Lange tijd benaderde Defensie de arbeidsmarkt vanuit de eigen behoefte: wat hebben we nodig? Dat resulteerde in lange contracten waar veel mensen tegenop zagen. Veel jongeren willen wel iets bijdragen aan de veiligheid van Nederland. Ze zijn zich bewust van alle geopolitieke ontwikkelingen en vragen zich actief af welke rol ze daarin kunnen en moeten spelen. Maar ze willen zich niet vastleggen voor vijf of twaalf jaar.”
Die logica paste Defensie ook toe op de samenwerking met het onderwijs. "We zoeken niet iemand die een baan bij Defensie vervult, maar iemand die een andere invulling geeft aan een keuze die ze eigenlijk al gemaakt hebben. Studenten Integrale Veiligheidskunde kiezen al voor veiligheid. Wij sluiten daar op aan." Het doel is niet dat studenten meteen stoppen met studeren om bij Defensie aan de slag te gaan. "Eerst de studie afmaken. Daarna kun je pas echt het gesprek voeren: wie ben je, wat wil je, wat kun je?"
De samenwerking tussen de opleiding en Defensie is dan niet exclusief. “Het is niet ons doel om soldaten te maken”, zegt Vera. “We leiden studenten op die iets zinnigs kunnen zeggen over het gehele veiligheidsdomein en daardoor breed inzetbaar zijn. Of dat nu bij Defensie, de politie, de brandweer of gewoon in het bedrijfsleven is.”
Meer dan militairen
Afgelopen januari bleek dat de aanpak werkt. De eerste lichting studenten haalde hun baret tijdens een officiële parade, het symbool voor het afronden van het militaire deel van de opleiding. Zowel studenten als docenten zijn enthousiast. Vera: "Ik hoor van studenten dat de eindgesprekken, waarin ze terugkijken op de theorie en de kazerne, tot de mooiste momenten van hun opleiding behoren. En de nieuwe lichting staat al in de startblokken. Zo ook Aldert Heeringa, vanuit de minor Crisisbeheersing: “Mijn militaire interesse ontstond al op de middelbare school. Ik heb al gewerkt in de beveiliging en handhaving en nu kan ik ook de militaire kant beoefenen dat is voor mij een mooie aanvulling.”
Erik ziet de opbrengst als breder dan alleen militaire vorming. "Je leert samenwerken met mensen buiten je eigen bubbel, omgaan met druk, en je leert jezelf kennen. Dat is waardevol, wat je daarna ook besluit te gaan doen." Hij hoopt dat de samenwerking een opmaat is naar iets groters. "Ik zou het mooi vinden als het normaal wordt dat iedereen in Nederland een periode van zijn leven iets doet voor ons land. Niet omdat het moet, maar omdat mensen het willen.” De animo is er in ieder geval. "We hebben eerlijk gezegd een zware dobber aan het verwerken van alle aanmeldingen", zegt Erik. "De uitdaging nu is opschalen. Zodat iedereen die wil ook een plek krijgt."
Defensie minoren