Onderzoek in de regio: vier ontwikkellijnen voor Parklandschap Trynwâlden
Vier onafhankelijk uitgevoerde deelonderzoeken schetsen een opmerkelijk eensgezind beeld voor de toekomst van Parklandschap Trynwâlden. Dat bleek uit het onderzoeksproject ‘Gastvrij Parklandschap Trynwâlden’, uitgevoerd door CELTH. In het rapport presenteert het onderzoeksteam vier ontwikkellijnen voor de toekomst van het parklandschap.
Parklandschap Trynwâlden, met zeven historische kerkdorpen tussen Leeuwarden en Dokkum, beschikt over een zeldzame combinatie van erfgoed, natuur, en gemeenschapszin. Maar hoe zet je die kwaliteiten om in een bestemming die niet alleen bezoekers weet te boeien, maar ook bijdraagt aan de leefkwaliteit van bewoners en het verdienvermogen van lokale ondernemers?
Tussen maart 2025 en augustus 2026 onderzocht het onderzoeksteam de potentie van Trynwâlden vanuit vier invalshoeken: de bestemming zelf, de bezoeker, de bewoner en de ondernemer. CELTH heeft het onderzoek uitgevoerd in samenwerking met onderzoekers Sarike van Slooten en Nazli Kurupinar en studenten van NHL Stenden, Breda University of Applied Sciences (BUas) en Fries Erfgoed Collectief.
Het onderzoek moet antwoord geven op de vraag hoe de samenwerking tussen erfgoedlocaties en het gastvrijheidsdomein van Trynwâlden kan worden versterkt met als doel bij te dragen aan de ontwikkeling van Trynwâlden tot een bewuste bestemming. Een bewuste bestemming is een bestemming die werkt aan zowel kwaliteit van de plek, kwaliteit van beleven (bezoekers), kwaliteit van leven (bewoners) en kwaliteit van werken (ondernemers). De vier deelonderzoeken zijn niet toevallig langs die lijn opgeknipt: juist door ze náást elkaar te leggen, moest zichtbaar worden of dezelfde patronen vanuit meerdere perspectieven bevestigd worden.
Eensgezind beeld
De kracht van dit onderzoek zit niet alleen in de afzonderlijke bevindingen, maar vooral in wat er gebeurt als je ze naast elkaar legt: vier onafhankelijk uitgevoerde deelonderzoeken schetsen dan een opmerkelijk eensgezind beeld.
Vanuit de bestemming blijkt Trynwâlden te beschikken over een rijke maar gefragmenteerde erfgoedbasis: Roodbaard-landschapsparken zoals Vijversburg en Staniastate, zeven kerkdorpen en waardevolle natuurgebieden die worden beleefd als losse onderdelen in plaats van één bestemming. Het gebied heeft geen centrale informatievoorziening, een inconsistente bewegwijzering, beperkt parkeeraanbod, weinig publieke voorzieningen (toiletten, rustpunten, kaarten) en een beperkt aanbod aan horeca dat jaarrond geopend is. Het verblijfsaanbod, met voorals campings is eenzijdig, met weinig boerderijkamers en B&B's en nauwelijks kleinschalige hotels of homestays, terwijl het activiteitenaanbod overwegend op een ouder publiek is gericht.
Vanuit de bezoeker vormt het stille landschap, de natuurlijke schoonheid en het rijke erfgoed de meest onderscheidende waarde van het gebied. De ervaren beleving van rust, natuur en erfgoed overtreft vaak de verwachting. 70% beoordeelt het bezoek als (meer dan) positief, 71,4% wil terugkomen), met Tytsjerk, Gytsjerk, Park Vijversburg en Stania State als gewaardeerde ankerpunten. Het warme welkom en de oprechte gastvrijheid van de lokale gemeenschap worden zeer gewaardeerd. Het meest gemist worden horeca en detailhandel (32%) met beperkte en onbetrouwbare openingstijden, activiteiten voor jongeren (26%) en informatievoorziening (21%). Ook bezoekers noemen het weinig gevarieerde verblijfsaanbod, een gebrek aan activiteiten, beperkte parkeervoorzieningen en openbaar vervoer.
Vanuit de bewoners blijkt de ervaren kwaliteit van leven hoog: natuur en landschap worden unaniem gewaardeerd (90% tevreden, 0% ontevreden) en 87% voelt zich veilig. Bereikbaarheid scoort het laagst (70% tevreden) en winkels (50%) en horeca (55%) kennen de meeste ontevredenheid; vooral onder jongere bewoners (18–25 jaar), die op vrijwel elk onderdeel het minst tevreden zijn. Als verbeterpunten noemen ze beter openbaar vervoer, een breder en gevarieerder aanbod van horeca en winkels en meer evenementen en activiteiten voor verschillende leeftijdsgroepen.
Vanuit de ondernemer is er wel degelijk samenwerkend vermogen aanwezig, maar blijft kleinschalig, lokaal en ad hoc: ondernemers kennen elkaars aanbod onvoldoende, eerdere initiatieven om meer samen te werken verwaterden, en het ontbreekt aan een gedeeld merk met online platform, een neutrale coördinerende partij en een gezamenlijk gedragen verhaal.
Wat opvalt? Dezelfde sterktes keren in alle vier de deelonderzoeken terug: natuur en rust, gebouwd en immaterieel erfgoed, gemeenschapsgevoel en gastvrijheid, en de bekende trekpleisters met de landgoederen in de hoofdrol. Ook de knelpunten worden telkens onafhankelijk van elkaar bevestigd: een tekort aan horeca met onregelmatige openingstijden, een camping-gedomineerd verblijfsaanbod, te weinig activiteiten, met name voor jongeren, zwakke informatievoorziening en bewegwijzering, beperkte bereikbaarheid zonder auto, het ontbreken van een gedeeld merk en het gebrek aan structurele bezoekersdata. Vanuit de vier invalshoeken zijn de conclusies opvallend eensgezind. Dat wijst op robuuste bevindingen en patronen die onafhankelijk van elkaar zijn vastgesteld.
Ontwikkellijnen
Op basis van deze samenhang adviseert het onderzoeksteam vier ontwikkellijnen die de kwaliteit van beleven, leven en werken gezamenlijk kunnen versterken:
- Samenwerking en communicatie
Ga in het gebied van ad-hoc initiatieven naar blijvende samenwerking en communicatie. Denk daarbij een aan WhatsApp-groep met een (roterende) coördinator, een neutrale samenwerkingsruimte voor initiatieven en kennisdeling, samenwerking met het onderwijs. Daarnaast moeten bestaande samenwerkingen beter zichtbaar worden voor bewoners en bezoekers. - Bereikbaarheid en bewegwijzering
Het gebied moet beter bereikbaar en vindbaar worden voor bezoekers. Dat kan worden bereikt door een heldere en samenhangende bewegwijzering, een digitale erfgoed- en informatietool, digitale, meertalige wandel- en fietskaarten en parkeergelegenheden vindbaar maken. - Evenementen, activiteiten, horeca en winkels
Er moet een breder, betrouwbaarder aanbod komen van evenementen, activiteiten, horeca en voorzieningen. Daarbij kan gedacht worden aan een gevarieerd aanbod van activiteiten voor jong en oud, meer evenementen voor jongeren, het afstemmen van openingstijden van horeca en winkels en het verkennen van meer gevarieerde verblijfsrecreatie. - Beleefbaarheid van verhaal en identiteit
Er moet één herkenbaar verhaal komen zodat Trynwâlden als één bestemming wordt beleefd. Dat kan door het ‘merk’ Trijn sterker neer te zetten, het erfgoedverhaal op iedere locatie/dorp zichtbaar te maken, een belevenis/verhaalroute te ontwikkelen die dorpen en erfgoedlocaties tot een samenhangende bestemming verbindt en één centraal informatiepunt over het gebied op een communicatieplatform.
Pas wanneer capaciteit, gelegenheid en motivatie om samen te werken gelijktijdig worden versterkt -bij voorkeur via een neutrale tussenruimte en een gedeeld gebiedsverhaal -verandert een verzameling dorpen, landgoederen en bedrijven in één bewuste bestemming, waar de kwaliteit van beleven, leven en werken elkaar wederzijds versterken.