Toekomstbestendige Leefomgeving
Nederland kent grote maatschappelijke uitdagingen in de leefomgeving. In 2050 moet een CO₂-neutrale gebouwde omgeving zijn gerealiseerd. Het Nationaal Groeifondsprogramma ‘Toekomstbestendige Leefomgeving’ ondersteunt de transitie naar een fysieke leefomgeving met emissievrije, circulaire en klimaatbestendige gebouwen en infrastructuur. Deze inzet draagt bij aan een circulaire bouweconomie, met een toename van het verdienmodel met minimaal 25 miljard euro en een stijging van de productiviteit met 40% in 2050.
Wat is de aanleiding voor het project?
Nederland staat voor een dubbele uitdaging. Aan de ene kant is er een grote behoefte aan nieuwe woningen. Aan de andere kant moeten bestaande gebouwen en infrastructuur worden verduurzaamd en toekomstbestendig worden gemaakt.
De lectoraten Smart Sustainable Manufacturing, Circular Plastics en Transitie in de Gebouwde Omgeving werken samen aan de invulling van het Nationaal Groeifondsprogramma, binnen het cluster Bouwen. De lectoraten hebben als doel kennis te ontwikkelen en te delen, om zo de positie van de agro-, bouw- en industriesector in Nederland te versterken en de verduurzaming van onze fysieke leefomgeving vorm te geven.
De lectoraten Circular Plastics en Smart Sustainable Manufacturing werken samen aan het thema ‘biocomposiet’. Daarbij worden biocomposietprofieldelen getest, gevalideerd en geïmplementeerd. Deze profieldelen zijn relatief licht en stijf en kunnen hout, beton of staal vervangen. Het lectoraat Transitie in de Gebouwde Omgeving onderzoekt de mogelijkheden voor de verduurzaming van de seriematige sociale woningbouw.
Welk probleem lost het project op?
In de onderzoekslijn biocomposieten wordt onderzoek gedaan naar de ontwikkeling, betrouwbaarheid en validatie van de prestaties van biocomposieten in constructieve toepassingen. De inzet van biobased grondstoffen is van groot belang voor de transitie naar een fysieke leefomgeving met emissievrije, circulaire en klimaatbestendige gebouwen en infrastructuur. Lokaal ruim beschikbare grondstoffen, zoals suikerbieten en vlas- en hennepvezels, bieden kansen voor toepassing in hoogwaardige biocomposietelementen.
Voor de succesvolle acceptatie van biobased composieten zijn verwerkbaarheid, prestaties en kosteneffectiviteit cruciale factoren. Er wordt gewerkt aan de verdere industrialisatie van de volgende productietechnieken: vacuüminfusie, extrusie, pultrusie, persen, spuitgieten, vacuümvormen en 3D(XL)-printen. Daarnaast wordt samenwerking gezocht met leveranciers van vezels en harsen.
Voor de verduurzaming van de sociale, seriematige woningbouw is samen met het werkveld onderzoek gedaan naar de mogelijke toepassing van biobased alternatieven in een bouwsysteem. Er is een analysemethode ontwikkeld waarmee de drijfveren en overwegingen van de betrokken partijen inzichtelijk worden gemaakt en ontwikkelkansen worden geïdentificeerd voor een succesvolle introductie van biocomposieten in de woningbouw.
Wie is het projectteam?
Het projectteam bestaat uit vaste onderzoekers en studentengroepen die, samen met docent-onderzoekers, in een leerbedrijf werken aan praktijkvraagstukken. Studenten worden via onderwijsmodule(s) in hun curriculum gekoppeld aan lopend onderzoek. Er wordt samengewerkt binnen reguliere studentenprojecten, minoren en stage- of afstudeeropdrachten. De studenten zijn afkomstig uit de opleidingen Werktuigbouwkunde, Chemie, Bouwkunde en Civiele Techniek.
Hoe pakt het projectteam dat aan?
Binnen de onderzoekslijn Biocomposieten werken Smart Sustainable Manufacturing en Circular Plastics samen op de locaties en in de laboratoria in Emmen en Leeuwarden. In samenwerking met partners wordt projectmatig gewerkt om te komen tot kadering, planning en uitvoering.
Studenten kunnen een rol spelen binnen specifieke onderzoeksgebieden en worden gekoppeld aan lopend onderzoek. Zij organiseren hun project, doen vooronderzoek naar materialen en technieken en krijgen een introductie in de productietechnieken. Vervolgens kunnen studenten zich verdiepen in thema’s als ‘Proces Engineering’, ‘Productontwikkeling’ of ‘Model Based Engineering’. Inspanningen binnen het thema ‘Proces Engineering’ leiden tot verbeterde prestaties van de technologie; inspanningen binnen ‘Productontwikkeling’ leiden tot de realisatie van complexe producten; en inspanningen binnen ‘Model Based Engineering’ leiden tot de validatie van het proces en de gerealiseerde eigenschappen.
Het onderzoek naar de indicering volgens LCA, MPG en MKI, en de vergelijking van biocomposietprofieldelen met staal, beton en hout, wordt uitgevoerd door een onderzoeker van Circular Plastics.
Het onderzoek naar de verduurzaming van de seriematige sociale woningbouw wordt uitgevoerd door een onderzoeker van Transitie in de Gebouwde Omgeving, in samenwerking met het werkveld.
Op 23 maart 2026 ondertekenden wij de Bouwvezeldeal (Convenant Biobased Bouwen Groningen‑Drenthe), waarmee we biobased bouwen stimuleren en ontwikkelingen in automatisering, innovaties en onderzoek naar biocomposieten ondersteunen, samen met het lectoraat Circular Plastics.
Wat zijn de belangrijkste (voorlopige) resultaten?
NHL Stenden heeft een projectorganisatie ingericht waarin drie lectoraten samenwerken om de doelstellingen te behalen. Fase 1 van het project is begin 2026 afgerond. In deze fase zijn drie deliverables opgeleverd in de vorm van rapporten.
Het onderzoek naar de productie en waardering van biocomposietprofieldelen is uitgevoerd door Tom van Os, Tobias van der Most, Mark van der Staay en Daan van Rooijen. Er is een materiaalcombinatie van vlas en gedeeltelijk biobased hars geselecteerd, waarmee meerdere batches met samples en elementen zijn geproduceerd. Hiermee zijn onder andere I-profielen samengesteld. Er zijn testen uitgevoerd, een materiaalmodel is opgesteld en validerende simulaties zijn uitgevoerd. Associate lector Daan van Rooijen heeft vergelijkende indicering uitgevoerd voor biocomposietliggers en brugdekdelen. Een onderzoeker heeft tevens zitting genomen in de NTA-werkgroep ‘biocomposieten’.
De eerste fase van het onderzoek naar de verduurzaming van de seriematige sociale woningbouw is uitgevoerd door Siebren Baars. De traditionele bouwwijze is nog steeds dominant vanwege de economische efficiëntie die voortkomt uit jarenlange optimalisatie van producten en processen. Tegelijkertijd worden nieuwe circulaire, biobased producten ontwikkeld en ontstaan voorzichtig nieuwe ketens en samenwerkingsverbanden in de bouwsector. Betrokkenen signaleren echter een remmende werking van beleidsmatige onvolkomenheden in wet- en regelgeving. Onduidelijkheden in definities en de diversiteit en complexiteit van beschikbare berekeningsinstrumenten bemoeilijken de praktische toepassing van circulair en biobased bouwen.
Projectpartners
Dit project wordt mede mogelijk gemaakt door Nationaal Groeifonds en RVO.
Lectoraat Smart Sustainable Manufacturing
Lectoraat Circular Plastics